We kennen Marche-les-Dames van de rotsmassieven, de rots van koning Albert en het militair domein
van de commando's. Veel meer zou er niet te zien zijn in Marche-les-Dames, ware er niet het kasteel
d'Arenberg en de abdij Notre Dame du Vivier.
Kasteel d'Arenberg, gekocht in 1834, vernield in 1914.
De kaart van Marche-les-Dames

Vroeger heette deze plek, waar het riviertje
van Gelbressée in de Maas stroomde,
Marche sur Meuse, grens aan de Maas.
Op deze plaats stond een hospitaal voor de
pelgrims naar Jeruzalem. In geschriften van
1302 werd het hospitaal reeds vermeld,
maar het was allicht veel ouder.
Eén kilometer in de richting van Gelbressée
was er in die tijd ook een cisterciënzerabdij
gevestigd. De abdij Notre Dame du Vivier
zo genoemd naar een houten beeldje van
Maria en het kindje Jezus dat volgens de
legende uit een vijver werd opgevist. Deze
plaats heette Marche les Dames, weer
een grens en Dames naar de vrouwen uit
Namen en omstreken die daar toevlucht
zochten toen hun echtgenoten, vaders en
zonen Godfried van Bouillon vergezelden
op kruistocht naar Jeruzalem.
De abdij wordt voor het eerst teruggevonden in archiefstukken
van 1236 maar moet tussen 1000 en 1100 opgericht zijn.
Bernard de Clairvaux zou vanuit deze abdij de tweede
kruistocht gepredikt hebben.
Tot de Franse revolutie blijven de Cisterciënzers hier actief.
Na de Franse periode komen er andere verschillende kloosterorden. Zo ook de contemplatieve zusterorde van
Notre Dame de Bethléem, beter bekend als de zusters die
met de hulp van koning Boudewijn naar het koninklijke
domein van Opgrimbie verhuisden.
De abdijkerk wordt nu nog gebruikt als parochiekerk,
wel onafhankelijk van de abdij en haar bewoners.

1421: Filips de Goede koopt het Graafschap Namen.
1460: Filips de Goede verleent privilegies aan de abdij.
1480: De abdij krijgt de bescherming van Maria van
           Bourgondië en Maximiliaan van Oostenrijk.
1581: Privilegies van Filips II.
1686: Mater Dolorosa in de kapel bij de rots.
1740: kaart met de christelijke symbolen bij de rots.

In 1808 bouwt de grondbezitter en industrieel Jean Joseph
Jaumenne een kasteeltje op de plaats van het vroegere
hospitaal vlakbij de toenmalige kapel Saint Jean.
Hij is staalleverancier voor de kanonnen van Napoleon.
Napoleon verliest echter de strijd en gevolg is het
faillissement van Jaumenne in 1825.
Het gepolychromeerd Mariabeeld
werd verkocht na de dood van
de laatste cisterciënzerzuster.

Paul Verhaegen over Marche-les-Dames in het boek:
Essai de bibliographie relatif à huit anciennes communes au Nord-Est de Namur.

Les archives de la régie du domaine nous apprennent que cette propriété seigneuriale,
telle qu´elle existe actuellement, résulte de l´acquisition, par la famille princière
d´Arenberg et antérieurement par d´autres, des différents bois parcelles cultivées,
mais reboisées par après. Mais les princes d´Arenberg, forestiers de race et
conservateurs, ont beaucoup amélioré leurs forêts, non seulement en faisant
planter quantité d´essences de lumière et d´élite convenant au sol, telles que des frênes,
des chênes et des essences d´ombres comme le hêtre et en faisant dégager ces essences
dans les fourrés de bois blancs où elles auraient étouffé, mais aussi en exploitant
avec parcimonie, en laissant vieillir les réserves au profit du capital forestier.

 
Uit het Brusselse komt de Hertog Prosper d'Arenberg opduiken die in 1834 alles opkoopt. Het is zijn zoon, Pierre Antoine François d'Arenberg (1825/1910) die de ijzerindustrie afbouwt en de bossen laat heraanleggen. In 1847 huwt hij met de zestienjarige Marie Ghislaine de Mérode (1830/1892). Beiden zullen leven en sterven in Marche-les-Dames.
In 1880 komt het Mariabeeld terug en
wordt met veel luister processiegewijs
in de abdijkerk teruggeplaatst.
De kapel Saint Jean wordt door Pierre Antoine in 1885 van de kerkfabriek gekocht en gesloopt. Er komt een nieuwe kapel in 1895, die nu nog op het militaire domein
bij het kasteel staat.
Nog voor het overlijden van Pierre Antoine wordt in 1904 de abdijkerk door de prinsen en de prinses d'Arenberg grondig
gerestaureerd en voorzien van nieuwe glasramen.
Vanaf de Eerste Wereldoorlog keert het tij.
Het kasteel in Marche-les-Dames wordt zogezegd om strategische redenen in 1914 platgebrand door het Belgische leger.
De kapel (1895) en het huidige kasteel d'Arenberg (1916)
Tijdens de Duitse bezetting slaagt dochter, Pauline d'Arenberg, er echter in het kasteel opnieuw
op te bouwen, ditmaal in de huidige Duitse stijl.
Op 11 november 1918 valt het kasteel en de domeinen onder het sekwester van de Belgische Staat
zoals de bezittingen van vele anderen met Duitse bindingen. Het getouwtrek tussen de familie
d'Arenberg en de Staat duurt vele jaren tot aan een uiteindelijk compromis begin de jaren vijftig.
De familie behoudt verschillende eigendommen, maar het kasteel van Marche-les-Dames, de rotsen
en het bos blijven in het bezit van de Belgische Staat en gedeeltelijk bezet door de commando's.
Bezoek aan de abdijkerk
 
Kaart van Marche-les-Dames

Les Amis de Marche-les-Dames
Gedetailleerde Franstalige site over Marche-les-Dames.
 
      alle pagina's                            volgende pagina > >
 
copyright 2004/2013
Karel Julien Cole